| Page [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] [9] [10] [11] [12] [13] [14] [15] [16] [17] [18] [19] [20] [21] [22] [23] [24] [25] [26] |
den 5
forse weste wind mistige lugt. dese twe winden regeren hier meest, vlak
oost en dan west. vertrok west aan, door grasige lage ruggen, hier en daar lage
bossen. zandgrond met swarte aarde doormengt. na anderhalf uur kwam op de plaats
van enen schepers, drie kwartier van zee. reed na strand, z:z:w: tot by de
dageraats rivier, die nu niet uitliep. hier was de schuit van tys fiereman op
strand geset. het strand hier weder west aanschietende, en uitgenomen weinige
plaatsen alles steil en klippig, zo dat de hoogte weder op westwaards aanging
passeerde naar een groot uur de plaats van enen oosthuisen, daarna enen
schalkwyk, en arriveerde op de plaats van de weduwe vermaak in de sitse cammas
vlakte. alles het zelvde terrein. de cours west vyf uren distantie. sag hier dat
de bergen die omtrent Caap anguillas beginnen en langs baay fals franshoek rode
sand, swellendam etc. aanlopen hier twe uren van daan noord noord oost eindigen,
latende een tamelyk vlak grasveld van omtrent drie uren brete tussen de zee en
deselven, zy zyn hier nog tamelyk hoog en eindigen kopsgewyse. alles irreguliere
klippen de duinen of liever hoge ruggens syn hier zeer hoog, vooral een in het
westen een uur van hier, die hoge duin hiete. met den avond gong de wind leggen.
6
gepasseerde nagt wat geregend. desen morgen slappe weste wind bewolkte
lugt, ging na strand, alles steil en klippig so ver sien kon strekte het strand
west en wierd nog steilder met krantsen, een uur west, van vermaak liep de sitse
camma in zee. (in margine: sitse camma een klein beekje dat uit het einde der
bergen komt) moest over de hoogte langs strand ryden alles gras, dat breed en
wreed begon te worden. de inwoonders seggen dat als hun vee heel jaar duingras
eet zy de tering ziekte krygen niet vet wordende dode kalvers krygen en sterven
dog omtrent drie maanden, het zelvde wanneer het Jaar naar suuragtige weide
moeten gaan.
om gesond te
blyven. ging van de weduwe vermaakt omtrent agt uren west aan over de hoogte so
dat altyd het strand onder my sag, dat hoe langer hoe steilder en klippiger
wierd, ook begonnen de houtbossen, in de kloven by de bergen en aan zee, na
eenige rivieren of liever diepe beken, die uit die keten bergen komen gepasseert
te hebben, quam aan eene, welkers steille krantsen 7 a 800 voeten diep my het
verder gaan beletten
de bossen
vermederen van langssamer hand. peilde het strand nog west, dus is de kaart van
kloppenberg fautief. hiete dese rivier steile krants rivier. ging noord ten
oosten drie uren aan; [door de voorn: vlakte] passerende de keten bergen. in een
klein uur dooor een tamelyke goede kloof caree douw genaamt, de horde
hottentotten, die hier in vorige tyden gewoond hebben, heten sig a caree.
arriveerde op de plaats van enen bauwer, in de cromme rivier district, myn wagen
arriveerde eerst een uur na my. hebbende de weg zeer modderig gehad. dit
district legt tussen twe regels bergen en is omtrent een uur breed, kleigrond,
strekt oost en west. de regel bergen die aan het begin der lange cloof begint
eindigt tegen over sitse cammas berg, en is deselve in alles gelyk. het is van
daag stil dampig en zeer heet geweest. sag enige elanden en oerebies, en ene
buffel.
7
weinig oostelyke wind, helder weer zeer warm trok west aan. passerende
verscheiden reisen de kromme rivier, die met vele drajen door dese cloof loopt
diep en moerassig met palmieten, zynde dese cloof zeer heuvelagtig, schietende
aan weerszyden uit de grote keten een groene klippige rug, welke de eigentlyke
cloof is. (in margine: ontfangende vele kleine spruiten meest van Outeniquas
bergen.) het hoge gebergte aan de landzyde hiet [hier] Caughas gebergte. de
caugha of zeekoei rivier begint, by de rietvaley vier uren west van diepe
rivier, en loopt eerst een drie uren noordelyk dan oostelyk na en in gamtous
rivier. ontfangende tot het begin der kromme rivier al het water uit de lange
cloof, en veel uit Cougha gebergte. na vyf uren distantie passeerde een hoge
rug, daar de kromme rivier, uit de outeniquas keten zyn begin neemt, en kwam op
een hoge vlakte
(had anderhalf
uur [west] van baur de plaats van thomas ferreira gepasseert, hietende Jagersbos
op de hoge
vlakte zynde zag dat de berg de Cougha verder afgeschoten was, en de hoge groene
klippige rug gebroken, dog na een half uur formeerde zig de cloof weder op
deselvde manier; hier begind de lange cloof. de weg was hier zeer hard en gelyk,
alleen nu en dan diepe dwarsruggetjes die uit outeniquas keten in de cougha
lopen. passeerde na een uur van cromme riviers begin de plaats van enen de pre,
de twe fonteinen genaamt en arriveerde met donker op de plaats van van nieukerk
onverwagt, aan de kleine en grote wagenboomsrivier. de bergen en ruggen, droegen
hier voor het eerst wagenbomen lucadendrons had wel een lage soort zedert
swartkops rivier gesien anders geen. het terrein is in de cromme rivier veel
gemengt klei sand en vegetale grond. dog in de lange cloof meest al klei. alles
gras velt, met weinige bosjes. het water van bosjemans rivier en verder af, is
in de vlaktens meest brakagtig. dog [van] omtrent van stadens rivier het land
digter by zee bergagtig wordende, is het water zeer goed. de cours is west half
noord gevallen seven a agt uren. het weer zeer heet geweest, weinig z:o:
lugtjes. de persikken begonnen in de lange cloof ryp te worden.
8
bleef by nieuwkerk na de wagen wagten, die een quade weg in kromme rivier
had. zy arriveerde tegen avond, hebbende in de modder vastgeseten. deed se met
de schoone maneschyn tot na kleine aapjes rivier vyf uren verder voortryden en
bleef by nieuwkerk my niet wel bevindende. desen dag seer heet, weinig z:o: lugt
gepasseerde nagt sterk gedawt. had pyn door het hele lyf en onlustig, had koude
gevat hebbende lang op een klip zitten lesen, naar besweet te zyn geweest.
9
sterk gedawt seer heet z:o: weinige lugtjes. had sware pyn in de keel en
zeer onlustig. dronk zeer veel the. trok west ten noorden al door de lange cloof
het zelfde terrein. passeerde naar 2 en 1/2 uur distantie de dode graven of
moorde
rivier de
plaats van enen stredom. sag hier verscheiden hottentots graven, men segt van de
oude pokjes tyd, daar na een uur de grote aapjes rivier, de plaats van oelofsen
weer een uur kleine aapjesrivier, van stef: fereira en na anderhalf uur
arriveerde en bleef op de plaats van pieter ferreyra: genaamt ongegunt aan diepe
rivier, alles dese rivieren lopen uit outeniquas keten in cougha. schoon het
zeer heet was voelde my beter. vond de wagen by ferreyra. horende dat het hier
in augustus veeltyds sterk sneewt [uit den n w, en w: ook z w, en z] en twe drie
en meer dagen blyft leggen, nam de hoogte met de barometer en vond 27 - 5 t. een
teken dat het somtyds in lager plaatsen meer sneewt als in hoger, door een
andere expositie, of nabyheid van hogere bergen. tegen den middag frisse z:o:
10 heb veel baat by the drinken gevonden, doordien die drank niet dagelyks gewoon ben, en ben veel beter gepasseerde nagt sterk gedauwt. helder weer van daag met frisse z:o: wind. de z:o: wolken hebben my gehindert op de outeniquas bergen te gaan
11
z:o: frisse wind mooy weer, vertrok westelyk en passeerde vele hoge
ruggens. na twe en een half uur distantie, quam aan de rietvaley, de eerste
spruit van kaugha, en na anderhalf uur a 7 quartier, arriveerde, aan de avontuur
rivier, de eerste spruit van Camnassi rivier. al het zelfde terrein. hier word
het op de helft van lange cloofs district gerekent. bevond my weder niet wel.
[Schoon weer
dog warm noorde frisse wind]
12
ging in den morgen op de berg die naar de landkant ligt en zag dat de
Camnassi berg ver van de kaughas berg gescheiden is, lopende de rivier langs de
z en z w syde der berg. peilde toverwaters cloof in het swarte gebergte noord
half west 7 a 8 uren distantie. van de berg komende bevond my gansch niet wel,
met veel duiseligheid in het hooft.
de wind is
tegen middag fris z:z:o: geworden warm weer. het wild in de lange cloof is
rhebokken
hartebeesten
enige oerebis, en patrysen: dog niet overvloedig. in de kaugha houden nog enige
leeuwen sag enen lindequast of linde que, welker de leeuw in de duim sterk
gekwetst had, den 16 dec laatsleden, vader en zoon hadden drie leeuwen vervolgd,
dewelke enige hunner beesten doodgebeten hadden. de zoon had er een het kakebeen
stuk geschoten, waarop [een] der anderen vervolgd wordende op hen aankwamen, de
vader had syn geweer in de muil van de leeuw en het geweer ketste, waarop de
leeuw hem in de duim en in de loop van het geweer beet, en hy van een schuinste
vallende de leeuw, over hem heen viel, de soon toelopende om de vader te
ontsetten, struikelde en in het vallen ging de schoot los. hierop liet de leeuw
de vader en sprong op de soon, die hem de kolf van het geweer in den muil stiet,
en door de leeuw tegen een klip gedreven zynde, hem dus van sig hield, so dat de
leeuw geen asem kunnende scheppen of uit pyn, hem geen kwaad kon doen en hun
volk met geweeren en honden ziende aankomen nam hy de vlugt. de gekwetste leeuw
is 14 dagen daar na door de soon voor het stel gedood.
13
in den morgen dysig weer uit den zuiden. bevond my veel beter, trok z:o:
aan om over de outeniquas keten bergen naar algoa [of plettenbergs] baay te
gaan; dit is een ongemakklyk pad, en mattys sondag my verkeerd onderregt
hebbende, was ik in een allerklippigst en steil pad geraakt, so dat schoemaker
de schilder, de enigste die by my was, de moed opgevende ik seer met hem
verlegen was, dog boven in het gebergte ontdekte ik een weg met myn verrekyker,
en passeerde na hier lang gedwaald te hebben, de keurbooms rivier, die ook z:o:
aanloopt, en laag was vol ronde keyen, vond hier een hottentot veewagter van
berkhousen die my over een ander gebergte, eerst z: toen z:o: by een andere
hottentot Jakhals genaamt, en op sig selven wonende bragt, waarna om tien uur
s'avonds, aan de witte drift een half uur van de baay aan de keurbooms riviers
mond arriveerde; op de plaats van enen kreitsinger. cours gecopp. z:o: egte
distantie ses uren, dog veel meer door de bergen.
kreitsinger
heeft dit pad in vyf uren met een sterk vars paard afgereden. terrein so als in
het hele outeniqualand de basis sware klei, met veel vegetale aarde vermengt
de zeekand
naderende passeerden wy hier en daar eenige kleine bossen, anders alles
grasveld, met hier en daar struiken; door den dag nu en dan wat geregent, en
warm geweest. zagen enige buffels en bavianen.
14
gepasseerde nagt zeer warm geweest, dese morgen helder stil en zeer heet,
reed oost aan naar strand, dese valey die omtrent oost en west schiet, anderhalf
uur lang en een half breed, met bossen geboord, een fraay gesigt gevende, door
langs strand vond dat keurboomsrivier veel welsand gekregen had, so dat niet kon
passeren, ging west aan, en moest om pisang rivier, over een lang gebergte, over
de plaats van cornelis botha passeren. ging over de sogenaamde robbenberg, en na
alles opgenomen en afgetekent te hebben keerden met den avond terug. het oost
strand zo ver het oog draagt gepeild, men van de westpunt oost een quart noord,
de west [syde] punt is hoog, en schiet oost een quart zuid, een klein uur in
zee, met een laag rif aan de punt, dese hele zyde is klippig en sterk in den
midden met een poort waar door men in een andere inham komt, waar het land steil
rotsig en west aan schiet. de rest van de baay is een vlak sand strand,
uitgenomen by pisang rivier een half uur van de westhoek, daar een klipbergje
met een rif voor aan, in zee een snaphaans kogel schoot ver schiet, de vlakke
zee strand is met een lage smalle zandduin geboord, en de zee, schoon stil weer,
brande overal geweldig. een quartier langs de binnensyde der duinen aan de
westzyde der baay is een goede rykelyke fontein. men zou hout de rivier af
kunnen laten dryven en het in de baay inladen, anders niet, kunnende geen boot
in en uitvaren. twe a drie uren noord oost langs strand zag twe uit schietende
punten, die een grote inham vertoonde en daarby grote bossen. hier kon een goede
aankom plaats syn. tussen dit en keurboomsrivier, legt een rif dat ver uit
brand, en op drie plaatsen een quartier van land klippen boven water vertoonde,
het was byna laag water.
tegen den avond
donder in het noorden, swaar in de lange cloof dog kregen aan zee niet veel.
smoorheet vandaag, en den avond nog warm.