Page [1] [2] [3] [4] [5] [6] [7] [8] [9] [10] [11] [12] [13] [14] [15] [16] [17] [18] [19] [20] [21] [22] [23] [24] [25] [26]

 

8 NOVEMBER 1777

den 8 

64    -     69       -       75      -      74      -     72    -   

frisse koele noorde wind die de zon volgde, zynde met zons ondergang z:w: seer schoon helder weer; nu en dan dwarlende wind in dese caro maakende een kleine stof wolk. na sonnen ondergank frisse z:oost een alleraangenaamste avond en nagt.

Onse gecoppelde coers is van daag oost ten norden half noord. 8 uur distantie geweest. even het zelve caro rosse klei met klippen dog stoffig door de droogte, byna geen bloemen.

het is jammer dat er niet meer water hier in het land is also dit heele veld seer goede kley grond heeft. by nieuwenhuis was geen als brak staand troebel geel water. in enige kuilen van de zoute rivier die zelden als met donderweer lopend water krygt. [zulks is ordinair in january en febru ook krygen sy enige regens in september en oct: ook donder.]

 

vernamen niets.

 

9 NOVEMBER 1777

den 9  met den dag vertrokken wy noord oostelyk aan. door het zelve zoort van terrein dog meer heuvelagtig met vele klippen, latende de rietberg op een distantie van vier uren aan onse regterhand.

sagen eenige troppen van 12 en 16 en minder noes, by de boeren wilde beesten genaamt. het is schoon liet hunne witte blinkende lange staarten so als zy beginnen te lopen in de hoogte te zien slaan, schoot er na een dewelke kwetste dat hy struikelde dog kreeg hem niet, zag ook enige troppen coaggaas zebraas en springbokken, dog door de kale vlakte kon men hen niet dan op twe en driehondert treden naderen het geen een ongewisse schoot gaf. zag byna geen bloemen, maar vele euphorbiaas capint medusa. kwamen om tien uren by drie en vier hottentots hutten, dat een vee plaat van jan duplessis was, hier by reden wy door een droge spruit van de grote rivier en gingen noord ten oosten na de plaats van dee plessis, een groot uur vandaar. onse gehele cours van de bere valey tot hier is 14 a 15 uren oost noord oost ten oost, geweest, en morgen moeten wy noord noord oost op. [verwyderden.]

dese plaats heet de vuile fontein [liggende?] onder swellendam. dit is een armoedig slegt land uit gebrek aan water, het weinige dat er is, is nog brak bleven hier om onse beesten wat te rusten. konden van ene kleine rugge de [zogenaamde] sneewbergen agter de camdebo zien leggen.

zagen hier vele lappen wilt vlees leggen om door zon en wind te drogen, het welk men hier als brood gebruikt.

het weer was zeer schoon koele ooste zagte wind, [iets] bewolkte lugt, de wind liep met de zon, en liep in het begin van den agtermiddag in het z:oosten en woey sterk en droog dog niet so als aan de Caap. het vee leeft hier in deze velden van differente bosjes veel aromatiquen, en is wel, boter en melk delicaat, dog de paarden kunnen hier niet aarden, en sterven meest, denke uit gebrek aan goed voedsel. maakten onse geweren schoon en sloegen de tent op.

het donderweer komt gemeenlyk uit het noord noord oosten seer fors, met regen daar de rivieren van swellen, nogtans heeft het hier den gepasseerden 15 mey vehement uit de noordwest geregent, die noordelyke winden zyn anders hier droog en fors.

 

10 NOVEMBER 1777

den 10 zondag  gepasseerde nagt maakten de honden een geweldig leven springende dikwils angstig terug, ging uit de tent omtrent middernagt, betrokke lugt dog maneschyn, kon niets gewaar worden, dog myn paart stond by de wagen te trillen

de hottentotten sliepen by een klein vuur, ging weeder in de tent, en na my bedagt te hebben vond ik dat ik myn snaphaan die in de hand genomen had niet geladen was hebbende hem schoon gemaakt gisteren avond. de boer zei s'morgens dat de leeuw digt by ons was geweest en waarschoude my om niet zonder vuurbrand in de handen s'avons of s'nags van de tent te gaan. het heeft den gehelen nagt vehement uit den zuidoosten gewaayt, dog in den morgen gestofregen, gaande de wind leggen. wy trokken met den dag n:n:oost aan door het velt zonder dat wy een pad hadden hebbende een hottentot tot gids, lieten het lage gebergte of liever swarte ruggens, hier rhinoster berg die oost aan schieten [digt] aan onse regterhand, zagen 9 noes, 30 hartebeesten 20 Choaggas. [hier zyn ook nog enige weinige rhinosters, sagen een spoor] En een menigte springbokken, die met kleine troppen liepen dog om het vlakke velt konden wy geen onder schoot krygen. omtrent tien uren quamen wy in een wyd uitgestrekte vlakte, dewelke alleen door een [lage] rugge van de Camdebo gescheiden, is hier zagen wy de sneeuwbergen, dewelke de camdebo, als met een lange boog omgeven, zag geen sneeuw op die keten. en zy schenen my niet so hoog als de rodesands bergen, dog het land legt hoger. hier zagen wy zeer grote troppen spring bokken, dog na mate van het uitgestrekte velt, wynig dus denke, dat het zeggen van se met stokken dood te kunnen slaan een fabel is, uitgenomen wanneer deze dieren door poorten van het hier niet hoog zynde gebergte, die als koppen op de vlakte leggen, zig by een dringen. zy waaren zo wilt, dat wy ze zelden onder onse kogel konden krygen, en schoon [wy] er wel tien duisent zagen in verscheide troppen verdeelt. schoten wy er maar twe deze bokken komen omtrent September octo en november na deze velden om het water, zuid op trekken, altyd tegen de wind op en keeren als het velt droog wort te rug. zy lammeren eens jaars, een lam. het is delicieus wilt [ordinair in Augustus en september, ook in april.]

 

de ooy heeft [Delik.?] kleiner dunner horens als de ram is ook kleider. de maat van een volwassen die een zeer onvolwassen jong in het lyf had. was

                                            rynlands voet           duimen

van snuit tot staart                               4         -         0

de staart die de onder zyde swart en kaal,

boven op [met] wit kort haar, zeer dun en

onder aan, op de buiten zyde een zwarte

pluim had                                          0         -         9

hoogte van voren                                   2         -         4

hoogte van agteren                                 2         -         6 1/2

had geen pluimen op de knien nog voor nog agter, dog hadde traan gaten onder de 

ogen. 8 snytanden in het onderste kaak. de twe voorsten tamelyk breed die volgden iets kleinder en de twe agtersten zeer smal. zyn kouleur

vond geen besoar by hem. dese dieren wanneer zy aan het lopen gaan doen aardige sprongen, zo in verte als hoogte, de poten styf uithoudende en het hooft voor over buigende met een styve nek, dog niet zo als men zegt alle te gelyk dog zo als het hen gevaldt. de hottentotten noemen hen Coung.

de voornoemde rugge, door een kloof doorgetrokken zynde kwamen wy [na twe uren rydens] vooraan in de camdeboos vlakte, trokken door een klein staand riviertje de brakke rivier geheten, waarin enige kuilen tamelyk goed water dog iets brak was, zynde het enigste dat van daag gesien heb, waaragter de plaats van de beer door enen basson bewoond, kwamen omtrent 5 uren waar wy verbleven hadden veel leeuwe mest, die wit was, omtrent als van een hyaena dog groter, overal op de weg gevonden, dog schoon men segt dat zy in troppen van twintig ja dertig, 10-12 etc lopen vooral agter de springbokken, heb ik en myn hottentot, die den helen dag overal gelopen en gejaagt hebben, ook aan de voornoemde ruggens daar enige spekbossen [coteladons] staan. hebben wy er geen te zien kunnen krygen. onse leidsman zei my dat zy voor enigen tyd sestien leeuwen die in enige lage struiken, op de rug met de poten om hoog lagen te slapen, op het lyf gekomen waren, dat die toen zy hen gewaar wierden als katten tussen de struiken waren gaan leggen en gekoetst, zonder hen te moveren, en dat men hen zelden by dag zien, houdende zig in de ruggens, omtrent de springbokken, dog s'nags zyn zy zeer assurant, en randen alles aan, vuur en klappen van een ossesweep is zegt men beter als een schoot om hen te verjagen. zy waaren eergisteren by basson in de craal geweest en hadden enige schapen dood gebeten.

 

voor jaar hadden de vee wagters het vee [s'nags] buiten gelaten wanneer de leeuwen er 150 doodgebeten of verongelukt hadden. hier stond koorn gesaait dog nog zeer laag. zagen enige hasen [dog kleinder, zaten in legers als by ons.] in dese carovelden, ook korhanen, by de spruitjes bergassen, veel wit nek kraajen, en by de camdebo, poelepentaden. hier terra natals hoenders genaamt. desen morgen betrokke lugt zo dat men de bergen die hier van het w n w tot o z o om ons leggen niet kunnen zien, [dog de noordelyke bergen hoog,] en alles een vlaklands vertoond. z: ooste zagte wind iets stofregen. tegen tien uren stak het weer uit den z:o: sterk op met harde donder [en regen] en weerligt duurde tot middag wanneer het sterk begon te regenen en omtrent vier uren mooy warm weer wierd, konden van daag op de jagt niets bekomen. zynde het wilt in kwaad weer altoos schuw. de wind liep door het oosten na het noord west weerligte den avondt uit die hoek tot het noorden.

 

11 NOVEMBER 1777

den 11 het heeft den ganschen nagt fors uit den n:w: gewaayt met regenbuien en enige donder en weerligt

dese morgen scheen het weer bedaard, dog de bergen niet heel klaar om te tekenen, tegen agt uur stak het weer met sterke w:n:w: wind, weder op met enige regen. sware regenbuien tot den middag, wanneer het weer opklaarde

vertrok na een heuvel een half uur o:n:o: van brakfontein van waar het gehelen horisont afpeilde, en liet tekenen. willem basson, die aan brakke fontein woond hiete dese heuvel gordons kop. hy is omtrent hondert voeten hoog en ligt in een uitgestrekte vlakte, de kransen op de apart leggende berg, waarlangs en ook agter het district camdebo of groengat, geleken veel na de reuse weg in ierland [egter geen basalte of in t'minst volcaniek is.], namentlyk seer reguliere horisontale blokken perpendiculair gespleten als lange [vierkante] pilaren, alles enkele vuurrots. hiete dese berg het reuse casteel. onse cours was drie uuren noord oost door een caro velt, deselve grond, twe uren van brakfontein passeerden wy camdeboos rivier die heel droog was, en omtrent dertig pas breete had, een half uur verder begon het veld van gedaante te veranderen, de grond was minder klippig de rosse kley met enige vegetale aarde vermengt, en vol zoet lang gras, vele doornbomen, en bloemen, misembriantemums meest, waarna wy n n oost dese berg aan een half uur omreed, heel na de laagte gaande, de swarte rivier noe a by de plaats doorreed, zynde kniediepte frisse stroom en vol klipbanken, aan de plaats van opperman. daar een boer frederik botha vond die dese middag, na een hottentot willende slaan zyn arm tegen een smits schroef brak.

 

onse cours is van daag in het geheel noord noord oost agt uren distantie geweest, het weer klaarde omtrent tien uren s'morgens, en de zuid oost woei nademiddag weer fris op, zynde goed koel weer losse bewolkte lugt. omtrent 5 uren agtemiddag begon het iets te regenen, met een fraaye regenboog, regende sterk in het [sneew] gebergte, met enige donder. zyn nog al het zelve caro terrein gepasseert, leerde een wortel eten aree genaamt hebbende een houtege schil ros foosagtig van binnen met een astringerende zurig sap. dog goed in grote dorst. kon de bladeren die verdort waren, niet zien groid laag tussen de bosjes. ook groef ik een gif bol canie genaamt, een grote fose bol met een rode blom boven op zonder bladen als een hanecam, met desen schieten zy hun wilt, dat dronken word en sterft, ook hun vyanden, dog hebben nog slangen en boomgift. de noe kalft in dese maand. tekende een aard ekkhoren. in hottentots gradow

                                                      voet        duim

         van [snuit] kop tot staart                    0     -      9

                                                       0     -      8

                    de staart                          0     -      3

hadde een swart [en] gryse staart ordinair drie

duim breed dog kon die met enen gewipper op en neer

als hy liep, breder maaken en er sig als een eekhoren me bedekken. het is hard borstelagtig hair. kan op de bermen niet klimmen heeft vier klaawen aan de voorpoten en een seer kort duimtje dog sonder nagel [vingers], vat er iets me om te eten, dog moet het om de korte stompe duim met den andere voorpoot helpen houden. kon de staart ook als een eek horen over de rug buigen dog natuurlyk legt hy regt plat tegen de grond, agter uit., zyn oren zyn maar gaten, en niet uitstaande. agter heeft hy vyf grote vinger, en een voet met een hiel, als de duinmol.

kleur rood bruin een witte geelagtige horisontale streep aan ieder zyde van de voor tot de agterpoot een 6de duim breed waar onder een streep die donker rosbruin is, grote swarte ogen waarom een witte smalle ring, wit om en onder de snuit. seer grote testicuuls. een gespleten boven lip twe incisiven boven en twe onder, de ondersten iets langer en iets van een. het dier word seer tam. de kop platagtig de ogen digter by de gaten van de oren als by de snuit.

 

de arm was gespalk dog vond hem in een sware koors, ordonneerde een lating daar hy niet toe wilde overgaan

het begon uit het noorden en westen te donderen en weer ligten met sware regenvlagen weshalven, hier de wagen inwagte, die drie a vierhondert passen verder noord als opperman de swarte rivier door moest. zy kwam omtrent een half uur daar my en myn mantel er uit nemende reed noord aan, [twe uren distantie] wordende de vlakke valey met hoog gebergte omgeven als een fuik zeer naauw en kwam donker zynde omtrent agt uur aan de plaats vrede van Hannes de beer zo als men de swarte rivier, over is, hiet het districkt swarte rivier, schoon deselve camdebo valey, het is hier het fraaiste en beste land dat men zien kan vol welig gras en vol boomen meest doornbomen [mimosa], zodat byna in den donker van de weg dwaalde. zo als het reusen casteel om reed zag geene springbokken meer, dog dese gansche middag hier en daar kleine troppen die niet onder schoot kon krygen zag een trop van 12 zogenaamde wilde honden, ook niet onder schoot hadden steile ooren en allen een witte dikke lange staart, so als van verre kon zien waaren zy swart bond. van de grote van een grote europeaansche wolf, en zeker geen hond. zy loerden op de springbokken. aan de staarten en makeley zag ik dat het even zo een dier was als een vel aan de caap heb, heb meer als een uur ze zoeken te bekruipen dog zy liepen telkens weg, zynde het [caro] velt te kaal uitgenomen aan de camdebos rivier daar vele doornbomen staan om iets te bekruipen. de camdeboos rivier die in drie spruiten aan de oost zyde der bergen, tegen over brakke rivier uit die alle zogenaamde sneeuwbergen komt, dan oost aan door de camdebo, dat digt aan de voet der bergen legt, en door de caro loopt, de brakke rivier die uit de westeinde dier bergen zuid oost twe uren dan oost door de caro, of zogenaamt brakke rivier vlakte, de swarte rivier, die uit de hoogste sneeuwberg agter reusencasteel door de diepe kom, aan de ene kant camdebo en de andere swarte rivier district maakt lopen alle drie oostaan. twe uren van de poort daar men om reusen casteel rydt, in een, waarby nog een rivier die noordoostelyker in de sneeuberg begint, daar sondags rivier genaamt, en hiet dan dese rivier tot in zee sondags rivier. vond op dese plaats van

 

de beer excellent koorn tamelyk hier groeiende wyn, en alles in beter order als men hier zou verwagten. hier zegt men nu de regen tyd met donder weer te beginnen komende uit het noorden, en draayende met verscheiden coursen door het gebergte. als het in juny en july aan de caap regent, komen de wolken op de sneeubergen dan waayt het hier fors doroog en sneeuwt alleen op die bergen waarop menschen wonen, dog die sneeuw blyft niet lang leggen, drie, vier, vyf ja veerttien tot een maant valt somtyds een paar mans lengte met sware koude. dog in oct nov begint nu en dan donderweer met regen dat het sterkst in jan: feb en maart is, dog zomtyds regent het ook als de n w de wolken sterk doorperst en uit het z:o: wederkomen zo als in gepasseerde 15 mey heeft het hier en overal daar nog geweest heb en gehoord heb, 6 en 7 dagen swaar uit den n:w: geregent.

Cours van daag drie uur n:o: een half uur n n o twe uur noord smorgens w n w: wind kout regen [vlagen] tot middag, mooy weer noorde stille wind tot 6 daarna  n w en z oost wind donder en weerligt met [sware] regen.